Reanimeren: niet aarzelen, maar doen! Een praktijkverhaal.

Een week of 2,3 geleden viel mijn oog ineens op dit bericht:
https://www.nu.nl/gezondheid/5143547/zorgwekkend-aantal-mensen-niet-bereid-reanimeren.html
Er staat o.a. dat minder dan 1/3 van alle Nederlanders een AED durft te gebruiken en dat 42% bereid is om een ander te reanimeren.

Eigenlijk schrok ik hier best wel van. Als iemand (buiten het ziekenhuis) een hartstilstand krijgt, is de kans op overleven vele malen groter als er direct met reanimeren wordt begonnen. Het gebruik van een AED (Automatische Externe Defibrillators) kan die kans nogmaals vergroten.

Terwijl ik dit las moest ik vrijwel direct denken aan een reanimatie op straat, die ik zo’n 20 jaar geleden meemaakte. Ik werkte in die tijd nog in het ziekenhuis en had die dag een late dienst. In al die jaren (ruim 20 jaar) dat ik in het ziekenhuis werkte, heb ik in het ziekenhuis nooit zelf iemand gereanimeerd. Ik hoop dat, door dit verhaal uit de praktijk te vertellen, dit mensen helpt om in geval van nood ook iemand te reanimeren.

Die middag reed ik met mijn auto naar het ziekenhuis. Vlak voordat ik rechtsaf sloeg bij het stoplicht, schuin voor mij in de straat rechts, zag ik een stuk of 30 mensen staan rond iemand die op de middenberm lag, met daarnaast een motor. In eerste instantie aarzelde ik even en wilde ik doorrijden. Er waren meer dan genoeg mensen om te helpen. Maar iets in mij zei mij toch maar even te stoppen om te kijken of ik -met mijn achtergrond als verpleegkundige- nog iets kon doen. En dat was maar goed ook.

Tussen de groep mensen lag een man van ongeveer 55 jaar. Toen ik dichterbij kwam zag ik dat deze meneer echt helemaal blauw/paars zag in zijn gezicht, zo blauw had ik nog nooit eerder gezien. Volgens de omstanders ademde hij nog wel en had hij zich mogelijk verslikt in een snoepje. Maar wat ik zag was iets wat daar op lijkt: gasping. Ik had het nog nooit eerder gezien, het was alleen kort genoemd tijdens de reanimatielessen: een soort oppervlakkig lucht happen/blazen. Iemand lijkt dan net als een vis op het droge die naar adem hapt (klinkt misschien raar of oneerbiedig (zeker niet zo bedoeld), maar is zo het beste te beschrijven). Toen ik deze man zag, wist ik gelijk dat dit gasping was.

In die tijd had ik nog geleerd om te voelen of het slachtoffer een hartslag was. Ik voelde niets, het voorzichtig schudden en aanspreken had ook geen effect gehad. Het slachtoffer ademde dus eigenlijk niet (goed) en ik wist: deze man moet gereanimeerd worden. Ondertussen vroeg ik of 112 was gebeld. Die was gebeld, maar het duurde best al lang. Ik vroeg de omstanders om nogmaals te bellen en te zeggen dat het om een reanimatie ging. Er worden dan 2 wagens gestuurd.

Ik startte de reanimatie met hartmassages. Ondertussen vroeg ik aan de omstanders of er nog iemand kon reanimeren, want alleen is het best zwaar. En om te kunnen reanimeren is het niet nodig om een verpleegkundige-opleiding te hebben gevolg. In principe kan iedereen dit leren. Gelukkig was er een jongeman van begin 20 die naar voren kwam. Na een aantal hartmassages (nu is het advies 30x, dat was toen nog anders) beademde de jongeman 2x. Helaas had het slachtoffer gebraakt, dus ik vond het sowieso heel dapper dat deze jongeman dit durfde en deed. Aan de omstanders vroeg ik of iemand een schone zakdoek had, zodat we die op de mond van het slachtoffer konden leggen.

Ondertussen hoorden we in de verte de ambulances, maar ze waren nog niet te zien. Dus vroeg ik omstanders nogmaals te bellen en duidelijk uit te leggen waar het was. We bleven reanimeren en het beademen door een zakdoek werkte prima, gelukkig. Elke keer kwam de borstkas van de man omhoog. Wat de omstanders deden of zeiden hoorden en zag en hoorde ik verder nauwelijks, ik zag alleen het slachtoffer en de jongeman die beademde. Ondanks dat dit ook voor mij de eerste keer was dat ik iemand reanimeerde en er best veel mensen om ons heen stonden, bleven de jongeman en ik rustig. Dat heeft erg geholpen. Het was best heftig allemaal, maar ook fijn om iig iets te kunnen doen voor het slachtoffer.

Na een tijd die eindeloos leek, arriveerde eindelijk de eerste ambulance en de politie. Ik begon best moe te worden, maar er werd mij dringend doch beleefd gezegd om vooral door te gaan met het geven van hartmassage. De ambulancebroeder maakte medicatie klaar en plakte stickers op de borst van de man om te kijken naar een eventueel hartritme. Ik stopte even met hartmassage…maar helaas nog geen eigen hartritme. Vervolgens werd de jongeman afgelost en werd er een tube (soort slang) ingebracht bij de man om hem daardoor te beademen. Ondertussen bleef ik hartmassage geven. Steeds hardop tellend: 21, 22, 23, 24.

Een collega van de ambulance had inmiddels de AED klaargezet. In die tijd waren er nog nauwelijks AED’s op vaste plekken in openbare ruimtes of plekken, die ook bereikbaar waren voor vrijwilligers. In de ambulance was deze dus gelukkig wel aanwezig en vlgs mij ook al in politieauto’s.

Ik stopte weer even met hartmassage. Er was nu een soort van hartritme te zien, maar geen goed hartritme. De AED werd aangezet, 2 grote plakkers werden op het bovenlichaam geplakt en er werd besloten om met de AED het slachtoffer een schok te geven. Luid en duidelijk zei de ambu-broeder dat niemand het slachtoffer (tijdelijk) meer mocht aanraken. Ik stopte met het geven van hartmassage en schoof iets achteruit. Ik was inmiddels erg moe en mijn handen deden pijn, maar eigenlijk voelde ik dat op dat moment nauwelijks. Waarschijnlijk door alle adrenaline. Het slachtoffer kreeg een schok….maar nog steeds geen goed hartritme. Ik moest nog even verder gaan met het geven van hartmassage. Ondertussen was er kort overleg tussen 2 ambu-broeders en werd besloten nog een keer te ‘klappen’, nu met een hogere voltage. ‘Iedereen los?!’ Ik stopte weer met het geven van hartmassage. Weer volgde een shock, waarbij het slachtoffer even van de grond leek te komen. En…nu was er een goed hartritme zichtbaar! Wat een opluchting. De man kreeg nog wat medicatie via het infuus, dat inmiddels ook was ingebracht. Daarna werd de man snel de ambulance in gereden en vertrokken de ambulances. De meeste mensen vertrokken toen ook, er was niets meer te zien.

De politie had (op mijn verzoek) inmiddels mijn werk gebeld, om te zeggen dat ik later kwam en de reden daarvan. De politie bleef nog even napraten. Ik had enorm veel respect voor de jongeman die had beademd en heb hem ook uitgebreid bedankt en gecomplimenteerd. We stonden vlak bij een garage en zijn daar even naar binnen gegaan. Op de (leren) jas van de jongeman zat ook wat braaksel, dus die hebben we daar afgespoeld. Ondanks de heftige gebeurtenissen, was iedereen rustig. Dat kwam denk ik ook doordat de man uiteindelijk een goed hartritme had, voor hij naar het ziekenhuis ging.

Langzaamaan begon daarna toch door te dringen wat er was gebeurd, maar ik verkeerde eigenlijk nog in een soort shock/roes. Inmiddels was het tijd om in mijn auto te stappen en naar mijn werk te rijden. Iedereen nogmaals uitvoerig bedankt en snel op weg naar het ziekenhuis.

De portier van het ziekenhuis zei mij uitgebreid gedag en vroeg hoe de reanimatie was afgelopen. Schijnbaar wist hij gelijk mijn (late) aankomst te koppelen aan het telefoontje van de politie. Dat verraste mij. Bij aankomst op de afdeling heerste daar een serene rust. Twee collegae waren langer gebleven en hadden vast de werkzaamheden opgestart, die bij een late dienst hoorden. Ze stuurden mij eerst naar de koffiekamer met een kom thee, om even bij te komen en mijn verhaal te doen. Na zo’n gebeurtenis is dat heel belangrijk en ook fijn. Na een minuut of 10 vond ik dat het wel weer ging en stuurde ik mijn collegae naar huis. Na ook hen te hebben bedankt voor het overwerken.

Later in de middag belde ik naar de hartbewaking/intensive care. De man lag aan de beademing, met een goed hartritme, maar werd nog in slaap gehouden. Men vroeg of er een kans bestond dat deze man had gebraakt: dat was geen kans, dat was 100% zeker. Met die info konden ze direct met antibiotica starten omdat er mogelijk maaginhoud in de longen terecht was gekomen.

De dagen erna was deze reanimatie op straat nog vaak in mijn gedachte. Ook zag ik mijn hand steeds blauwer, groen en geel worden, ongemerkt had het mij veel kracht gekost. Heb nog 1x gebeld naar de IC-afdeling. De situatie was onveranderd en de prognose onduidelijk. Ivm privacy besloot ik daarna niet meer te bellen. Het was goed zo. 

Heb iig van deze reanimatie geleerd dat je er nooit vanuit kunt gaan dat er iemand kan/wil/start met reanimeren of hulp verlenen, ook al staan er al veel mensen. Weet ook dat je zonder cursus vooraf al iets kunt doen. Lees het blog dat hierop aansluit met achtergrond info, oa ook hierover:  https://yvonneblogtmetzorg.wordpress.com/2018/03/28/leestip-achtergrond-informatie-reanimeren-en-aeds-ook-jij-kan-iets-doen/
En: elke reanimatie maakt enorm veel indruk en vergeet je nooit meer. Ook ik niet, na 15-20 jaar…