Ervaringsdeskundige èn Verpleegkundige

DSC_0091

 

Als kind wilde ik schrijfster worden. Ik was ook alvast begonnen met het schrijven van een kinderboek. Daarna wilde ik dominee worden. Ik paste in die tijd op bij een evangelisten gezin. Toen zei ik dat ik toch liever economie wilde gaan studeren . Waarschijnlijk omdat ik het een leuk vak vond op school. Gelukkig bedacht ik mij in het laatste kwartaal dat ik toch liever “iets met mensen” ging doen. Het werd Verpleegkunde. De beste beslissing van mijn leven!

Het liefst wilde ik in het ziekenhuis gaan werken. Maar omdat ik nog nooit in een ziekenhuis was geweest, koos ik eerst (heel verstandig, vond ik) voor de HBO-V.

Na een jaar stapte ik over naar de Inservice-opleiding (opleiding in het ziekenhuis). En daar heb ik nooit spijt van gehad. Het eerste jaar van de opleiding ging wat moeizaam. Ik was veel te stil. Maar wat wil je. Net 18 en nog nooit in aanraking geweest met ernstig zieken. Na het eerste jaar veranderde dat helemaal. Ik bloeide helemaal op en ontwikkelde mij snel. In het 2e jaar van mijn opleiding werd ik erg ziek, moest een grote operatie ondergaan in het AMC. Ondanks studievertraging behaalde ik met gemak mijn diploma. Bijna jaarlijks lag ik in het ziekenhuis, maar kwam steeds weer terug.

Naast verpleegkundige was ik nu ook ervaringsdeskundige.

Ik heb echter altijd mijn werk als verpleegkundige gescheiden gehouden van mijn privé situatie. Vooral omdat de patiënten er niet op zitten te wachten om mijn gezondheids problemen aan te horen. Een patiënt die net is geopereerd zit in een heel andere fase. Ik was al veel langer geleden geopereerd. En voor mijzelf vond ik dat ook niet prettig.

Op 3 momenten na.  De eerste keer dat dit gebeurde, is mij het meest bij gebleven.

Ik werkte op de afdeling Chirurgie. Enkele weken daarvoor was er een nieuwe chirurg gestart. Een kundig arts, die bekwaam was in nieuwe operatietechnieken. Ook empatisch was het een fijne arts.

Op dat moment lag er een jongeman op de afdeling. Tijdens zijn huwelijksreis naar Zuid-Amerika was hij acuut, erg ziek geworden. Bij terugkomst in Nederland werd hij direct geopereerd en kreeg een stoma. Vlak voor ontslag had hij een gesprek met de chirurg. De chrirurg vertelde dat over enkele maanden het stoma weer opgeheven zou worden. Want “leven met een stoma zou hem heel erg beperken. Hij zou veel dingen moeten laten en het was echt heel vervelend”. Ik was met stomheid geslagen. Zat ik daar als Verpleegkundige mèt een dunne darmstoma!! Ik had zo’n gesprek ook niet verwacht van deze arts. Nadat de arts het gesprek had afgerond, sprak ik hem elders op de afdeling nog even aan. “Meende u nu echt wat u tegen deze patiënt zei? Ik heb nl zelf een dunne darm stoma. Ik kan mijn werk als Verpleegkundige prima uitvoeren. Buiten mijn werk kan ik ook vrijwel alles nog doen.” De chirurg schrok erg van mijn woorden. Bood zijn excuus aan. En daarna heb ik hem dit nooit meer horen zeggen. Onze samenwerking werd nog beter. Het respect voor elkaar ook!

In dit uitzonderlijke geval heb ik de patiënt verteld dat ik een stoma had. Ik had liever geen stoma gehad, maar ik kan er prima mee leven. Ik zei hem, dat ik mij kon voorstellen dat het voor hem nog heel moeilijk was. Je gaat gezond op huwelijksreis  en even later ben je thuis en heb je een stoma. Uiteindelijk zou het hem ook lukken om het stoma te verzorgen en allerlei dingen weer te kunnen doen. Gelukkig voor deze jongeman was het een tijdelijk stoma.

Op dit moment kan ik niet meer als Verpleegkundige werken. Ik mis mijn werk heel erg. Het is echt het mooiste vak dat er bestaat. Wat blijven zijn de herinneringen.

Advertenties